De aardappelen schillen, wassen en in kleine blokjes snijden. Breng de aardappelen met een beetje water en zout aan de kook. Laat de aardappelen in ongeveer 20-25 minuten gaar koken.
Laat de zuurkool uitlekken.
Smelt de boter in de koekenpan op middelhoog vuur en voeg, als de boter bruin is, de zuurkool toe. Bak de zuurkool al omscheppend gaar en een beetje bruin.
Laat de witte bonen uitlekken in een zeef.
Controleer na 20 minuten of de aardappelen gaar zijn. Als je met een vork gemakkelijk in de aardappelen kunt prikken, dan zijn ze gaar.
Giet de aardappelen af, laat een klein beetje water in de pan bij de aardappelen en voeg de witte bonen toe. Laat de witte bonen warm worden bij de aardappelen.
Als de zuurkool gaar is, deze toevoegen aan de aardappelen en de witte bonen.
Breng op smaak met peper, zout en nootmuskaat.
Schep alle ingrediënten goed door elkaar met de houten lepel.