Boen de citroen goed schoon en rasp ongeveer ½ eetlepel van het gele van de schil.
Doe de suiker met de boter en het halve ei in een mengkom en roer dit met een mixer of garde romig. Voeg dan de havermout lepel voor lepel toe en zorg er steeds voor dat alles goed gemengd is. Voeg, als je al de havermout door de boter hebt geroerd het zelfrijzend bakmeel, het zout, de vanillesuiker en de citroenrasp toe en meng goed door elkaar.
Verwarm de oven voor op 180 graden (hete lucht) of 190 graden (conventioneel)
Bekleed 2 bakplaten met bakpapier.
Vorm van het deeg met je handen of twee lepels 16 balletjes en druk deze een beetje plat.
Verdeel de koekjes over de bakplaten en zorg dat er genoeg ruimte tussen de koekjes overblijft, zodat ze niet tegen elkaar aan bakken.
Schuif de bakplaten in de oven en laat de koekjes in 13 - 15 minuten lichtbruin en gaar worden.